HERINNERINGEN UIT EEN VER VERLEDEN

Deze verhalen over de geschiedenis van Enspijk zijn opgetekend na gesprekken met ‘buurvrouw Nel', mw. N.G. van Rijnsbergen. 

Deze bijzondere vrouw is op 94-jarige leeftijd op 31 augustus 2012 overleden.

Tante Nel of Buurvrouw Nel nam een bijzondere plaats in in de harten van veel bewoners van Enspijk.

 

'buurvrouw Nel' foto: Margot van Aarsen

 

Op 29 juni 1918 werd zij geboren aan de Beemdstraat 5, in een gezin van 10 kinderen, 7 meisjes en 3 jongens. Toevalligerwijs waren de oudste, middelste- en jongste telg een jongen verteld ze lachend.

Vader van Rijnsbergen was boer, een kleine boerderij met koeien en akkerland, net groot genoeg om het gezin te onderhouden.

Alle kinderen volgden lager schoolonderwijs in wat we nu noemen “het oude schooltje, bij Juffrouw van Mourik.

 

19.. bij de oude school 1000.jpg

 

 

 

 

 

 

de oude school 

 

Er waren 3 klassen en de schooltijden waren van 9 tot 12, dan thuis eten en daarna weer naar school van 13 tot 15.30 , geen vrije woensdagmiddag en op zaterdagochtend moest ze ook naar school.

Je ging naar de eerste klas als je zes jaar was, maar alleen als je op 1 april 6 was, anders moest je gewoon maar een jaartje wachten.

Na 6 jaar lager onderwijs gingen de meeste kinderen niet meer naar school, want dat was te duur. Een enkeling kon wel doorleren, dat was dan op de MULO in Geldermalsen maar dat was eigenlijk echt een uitzondering.

Daarna ging je ‘in betrekking' zoals dat toen heette. Je ging ergens werken, de jongens meestal als boerenknecht en de meisjes in de huishouding.

Het was niet altijd makkelijk om werk te vinden, er was ook veel armoede.

“Dat had allemaal anders kunnen lopen als Zaltbommel anders had besloten”, vertelt ze. Nadere uitleg volgt: “ de ouwe Philips wilde in Zaltbommel zijn eerste fabriek beginnen en dat heeft het gemeentebestuur toen afgewezen.”

Ze weet nog goed hoe aan tafel gezegd werd dat dit maar een stomme zet was. “Dan was het hier allemaal anders geweest, dan zou Zaltbommel een grote stad zijn geworden en zou er veel meer werk zijn geweest.”

 

Buurvrouw Nel verliet op haar 15e het ouderlijk huis om in betrekking te gaan bij de familie Merkens, een boerenbedrijf in het huis waar ze tot op de dag van vandaag woont.

Oorspronkelijk woonde de familie op de Heerlijkheid Mariënwaerdt, waar zij pachtten, maar in 1896 vertrok vader Rijk Merkens met zijn familie naar Enspijk, waar hij land had gekocht. De verhuizing van huis en haard vond plaats met paard en wagen, via de pont staken ze de Linge over en vestigden zich in Enspijk.

In die tijd was er een grote pont, die met kettingen van de ene naar de andere oever werd getrokken.

Buurvrouw Nel herinnert zich deze pont nog goed, de veerman Driekes van 't Veer (dat was zijn bijnaam want hij heette eigenlijk Spronk), de paarden- en hondenkarren en van alles en nog wat, dat met de pont overgezet werd.

Deze pont heeft tot de oorlog gevaren.

 

   het grote veer

 

De boerderij van Merkens had geen naam, zoals ook de meeste andere oude boerderijen in de streek naamloos zijn: “dat wilden ze niet, want dat zou opgevat kunnen worden als dat je jezelf boven een ander stelde”.

Buurvrouw Nel werd helemaal in de familie opgenomen. Deze bestond uit twee broers en een zuster Merkens. Eén broer bestierde de boerderij en de andere broer, dhr. H.M. Merkens bekleedde verschillende functies. Zo was hij poldermeester en locoburgemeester. Hij heeft veel voor Enspijk gedaan, onder andere zette hij zich in voor verbetering van de infrastructuur en de bereikbaarheid van Enspijk. Zo heeft hij ervoor gezorgd dat de Haarstraat werd aangelegd, in die tijd met klinkers. Hij was een gerespecteerd, maar ook bescheiden man. De gemeente wilde als dank de straat naar hem vernoemen, maar dat wees hij resoluut af: het moest ‘Haarstraat' worden. Juffrouw Marregje Merkens was een zeer sociaal bewogen vrouw. Als er ergens in het dorp een dispuut was, werd zij ingeschakeld om de vrede te herstellen.

Buurvrouw Nel heeft van de familie Merkens ook alle kans gekregen om zich verder te ontplooien.

Na haar lagere schooltijd ging ze naar de Naaischool bij Juffrouw Jurriaans in het Trefpunt in Beesd. Deze school was opgericht door de familie van Verschuer van Mariënwaerdt. De meeste meisjes uit de omgeving wilden graag naar die school, maar je moest je voor het verlaten van de lagere school al tijdig opgeven anders kreeg je geen plaats. Het aanname beleid van cursisten werd namelijk bepaald door waar je woonde: voorrang hadden de meisjes uit Beesd en Mariënwaerdt, daarna volgde Enspijk en als laatste kwam Rumpt aan de beurt en vol was vol.

 

Het was een driejarige cursus, van maandag tot en met vrijdag van 13.30 tot 17.00 en van 18.00 tot 19.00 uur.

De kosten bedroegen 25 cent per week.

Ze ging op de fiets van Enspijk via het voetveer de Linge over naar het Veerhuis in Beesd. Het voetveer werd heen en weer geroeid door veerman Bertus, bijgenaamd Bertus van 't Veer en opgevolgd door Dirk van 't Veer. Aan beide oevers van de Linge hing een bel, daarmee werd de veerman geroepen. Je kon een weekabonnement kopen voor het voetveer, dat kostte ook 25 cent. Zonder abonnement betaalde men voor dit tochtje in die tijd 5 cent zonder- en 10 cent mét fiets. 

 

   het oude voetveer naar Beesd

 

Toen Buurvrouw Nel in betrekking ging kreeg zij de gelegenheid om de naaicursus te voltooien. Daarna heeft zij ook een cursus Fijne Keuken in Beesd gevolgd, in het gebouw van de voormalige – en later afgebroken -Openbare School. Dit was een avond cursus, eenmaal per week gedurende de winter, in de zomer was hier geen tijd voor, dan was het te druk op de boerderij. Het cursusgeld was 75 gulden.

Al haar schriften met recepten heeft ze nog bewaard. Zie ook ouderwetse recepten van buurvrouw Nel

 

 recept voor rijstkoekjes en warme wijn

 

Daarna volgde nog een EHBO cursus, die werd gegeven in “Ons Gebouw” op het terrein waar nu de school in Deil is gevestigd.

 

Heel vroeger was er ook een busdienst van Gorinchem naar Geldermalsen en vise versa. De bus reed een paar maal per dag op en neer. In Enspijk was één stop, bij het huis van haar grootvader. Dit huis stond naast het Aschhuis, tegenover de kerk en is later gesloopt vanwege de verbreding en verlegging van de voormalige Beemdsteeg, nu Molenkampstraat, het huis stond feitelijk in de weg van de weg.

Als er met de bus een pakketje voor iemand in Enspijk werd vervoerd, dan werd het bij opoe afgegeven, want ze wisten : “dan kwam het wel goed”

Soms moest er ook iets vanuit Enspijk vervoerd naar elders en dan stak haar grootvader een vlag aan het hek, dan wist de buschauffeur dat hij iets moest oppikken. Dat was dan altijd wel een gebeurtenis. Buurvrouw Nel herinnert zich dat ze dan op haar kinderfietsje naar opoe reed - een uitzondering want lang niet iedere familie bezat zo'n fietsje – 5 jaar was ze toen, dat is nu 86 jaar geleden.

 

  de pomp

 

De waterleiding bestond niet, het drinkwater werd gehaald bij de pomp, niet de pomp waar hij nu staat, maar naast de boerderij waar nu Janco Berendse woont, met de hondenkar en melkemmers ging men daar water halen. Het water voor de was kwam uit de regenton of uit de Linge, die toen nog kraakhelder was.

 

In het dorp waren slechts twee telefoontoestellen, één bij het café en één bij de familie Merkens. In die tijd moest je aan een soort slinger aan dat toestel draaien, dan kreeg je verbinding met de centrale en daar gaf je op met wie je wilde spreken. Later en soms heel veel later werd je dan teruggebeld door de centrale en dan werd de verbinding gelegd met de gevraagde persoon in kwestie. Uit die tijd stamt ook “Ik ben verkeerd verbonden”. Dat verbinden kon soms echt lang duren. Op een gegeven moment werd de telefoonlijn in Enspijk geautomatiseerd en ging het telefoneren veel sneller.

 

 de automatische telefoon

 

In Beesd liet die automatisering nog op zich wachten en in die tijd kwam de baron van Verschuer met het veer over de Linge om bij de familie Merkens te telefoneren, want bij hem thuis duurde het hem te lang.

Ook dorpsgenoten kwamen telefoneren. Nooit vergeet buurvrouw Nel een heer uit Enspijk, die voor het telefoneren al een borreltje op had: “Zouden ze het ruiken aan de andere kant?” vroeg hij - door zijn onbekendheid met de techniek van het ‘nieuwe' communicatiemiddel telefoon - bezorgd.

 

Vuilnis werd in die tijd niet opgehaald, dat moest je zelf maar opruimen.

“Breng maar naar de gracht” was het dan.

Hiermee werd de oude gracht van het voormalige kasteel huize Enspijk aangeduid (dit heeft tot 1828 gestaan op de plaats waar zich nu het schoolgebouw van de Minzerie bevindt).

De gehele Enspijkse bevolking gebruikte de gracht als vuilnisbelt

en het gevolg was dat er bijna geen water meer in stond.

 

Het dorp kreeg regelmatig bezoek van de ‘schooiers' een of meer tegelijk, woonwagens die geparkeerd werden waar nu het voetbalveldje naast de Minzerie ligt.

“Daar komen de schooiers weer” riep haar moeder dan.

Zij verkochten van alles en nog wat, garen draad en band, potten en pannen, en ze haalden vodden op, “voddu” riepen ze dan, vooral in het voorjaar, want dan werd de voorjaarsschoonmaak gehouden en werd er van alles opgeruimd.

“Maar als je niets van ze kocht dan konden ze ook wel eens boos worden” herinnert Buurvrouw Nel zich.

Dan had je van Gangelen, die kwam ook met paard en wagen - een keer per 2 weken - en hij verkocht glas en aardewerk. Dat lag op de grote platte wagen in het stro, zodat het niet brak. Had je een gebroken bord of schaal: van Gangelen kon het repareren.

Dan was er de scharensliep en de slager kwam uit Beesd op de fiets, met een grote mand voorop. Dat waren Joodse mensen.

En waren twee winkels, de bakkerkruidenier aan de Kampsedijk 24, van Ringelenstein, een gezin met 8 kinderen. Vader Ringelenstein, “ den ouwe bakker”, bezorgde met de handkar of met de hondenkar het brood in Enspijk en ook in de andere dorpen.

Op de Dorpsstraat 20 zat een timmerman en na zijn vertrek kwam ook daar een bakkerkruidenier

en dan was er het café aan de Dorpsstraat, in het huidige pand van garage Vos. Het café werd uitgebaat door de familie van Zee. Ouders van Zee overleden vroeg, dochter Teun zette het café voort met echtgenoot Geert van Ackooy. Er werden flessen drank en sigaren verkocht, die met de bus uit Gorinchem werden aangevoerd. Het café fungeerde ook als vergader locatie.

Er werd heel wat vergaderd, onder andere over de oprichting van de ijsbaan, een initiatief van de heren Merkens, van den Heuvel, Vos - de toenmalige postbode - en van Ackooy.

De oprichting was een feestelijke gebeurtenis, want er was niet veel vertier in die tijd.

Om te recreëren ging men zwemmen in de Linge en later ook in ‘de put van Marregje' (Merkens) – waar nu de ‘Rotonde' is. Het meer is ontstaan in de jaren '30. Het was akkerland, buurvrouw Nel heeft daar nog koeien gemolken. Voor de aanleg van de A2 had men zand nodig en dat werd weggezogen uit het akkerland van de familie Merkens. Er werden toen ook karpers in uitgezet en fungeerde tevens als visvijver.

 

Het werk op de boerderij was zwaar, er waren nog geen apparaten, alles ging met de hand, alleen een wasmachine hadden ze, een buitenproportie groot geval, dat ook niet altijd even goed werkte.

 

 melkbussen schuren

 

Buurvrouw Nel leerde karnen en kaasmaken, ze molk de koeien en verrichte hand-en span diensten in de huishouding.

 

Nooit zal buurvrouw Nel het uitbreken van de oorlog vergeten.

Ze was buiten aan het werk op de boerderij, het was een prachtige zonnige dag, die vrijdagmorgen 10 mei 1940. Juffrouw Merkens kwam aanrennen: “ Zet alles maar binnen, want het is met ons gebeurd, want het is oorlog”, buurvrouw Nel herinnert het zich nog woord voor woord.

Op de boerderij was tijdens de oorlog voldoende te eten en ze kregen ook twee inwonende jongens uit ‘de stad'.

Ze kwamen via de burgemeester, via het verzet - de vader van deze jongens zat ook in het verzet. Ze hadden hongeroedeem en kregen beetje bij beetje meer en meer te eten, want meteen veel eten zou ze fataal kunnen worden. Zo sterkten zij aan. Af en toe kwam hun moeder op bezoek. Op de boerderij kregen ze op een dag ook het bericht dat hun vader gefusilleerd zou worden, dat maakte op iedereen diepe indruk.

Op 1 januari 1945 viel de bom op Enspijk, net naast het huis van Merkens, op de oude notenboom. Het achterhuis was volkomen vernield.

Wonder boven wonder raakte niemand gewond.

In die tijd was de boerderij, zoals de meeste huizen en boerderijen in de streek, gevorderd door de Duitsers. De familie Merkens deelde het huis met een aantal Duitse soldaten, moest hen van eten voorzien en van slaapplaatsen. Een soldaat zag op tijd het gevaar en stuurde alle bewoners net op tijd de schuur in, nét voor de bom insloeg. De katten waren weken zoek, de hond was blind geworden en de stal stortte in, bovenop de koeien, maar die kwamen er ook met de schrik vanaf.

Nadien heeft het jaren geduurd voordat het huis herbouwd werd. Het achterhuis werd dichtgetimmerd en tot 1950 verbleef de gehele familie in het voorhuis. Dat was improviseren, een matras op de grond en bij het stoken werden waterpijpen als schoorsteen gebruikt: “… en dat werkte nog goed ook.”

 luchtfoto van Lepelstraat 5

 

Naast haar werk bij de familie Merkens is buurvrouw Nel ook zeer actief betrokken geweest bij de kerk, eerst als diaken, daarna als ouderling en later als scriba als een van de eerste vrouwen in de kerkenraad. Ook was zij actief in de Vrouwenvereniging en in de voormalige bejaardensoos in Enspijk.

Als buurvrouw Nel gevraagd wordt of ze met heimwee terug denkt aan vroeger, zegt ze resoluut : “nee hoor, in alle tijden zijn er goede en slechte dingen.”

 

Deze herinneringen werden opgetekend door Nina van Toulon, juli 2009

 

Herkent iemand nog personen die zijn afgebeeld op de oude foto's van Enspijk, laat het ons dan graag weten: email@enspijk.info

 

NIEUWS & ACTIVITEITEN
23-03-2018
ENSPIJKS KWARTAALTJE
Het Enspijks Kwartaaltje is weer uit.....
lees verder..
03-07-2017
ENSPIJK PLAATS 5 BIJ ELFDORPENSPEL
Een fantastische sfeer
lees verder..
14-05-2017
NIEUW BORD ENSPIJK
Dover Verkeer uit Geldermalsen schenkt Enspijk nieuw bord.
lees verder..
03-05-2015
DE ENSPIJKSE VLAG
is er weer!!
lees verder..
20-02-2015
Maandelijkse Bijeenkomst voor Bewoners SAMEN DOEN
In het kader van het project Lekker Zelfstandig Thuis Wonen (LZTW), onderdeel van het "Dorpsplan Enspijk" is er een nieuw initiatief in Enspijk.
lees verder..
13-12-2014
KOM ZINGEN AAN DE LINGE
WE ZOEKEN ZANGTALENT
lees verder..
21-06-2014
GROETEN UIT ENSPIJK ANSICHTSKAART
De dorpsmarkt had de primeur, we hebben nu een eigen Enspijkse ansichtskaart "groeten uit Enspijk"
lees verder..
22-04-2014
NIEUWS VIA EMAIL ONTVANGEN
Wilt u ons volgen en nieuws blijven ontvangen
lees verder..
20-09-2011
STICKER VAN ENSPIJK TE KOOP VOOR SLECHTS 1€
Jan Scholte heeft mooie stickers voor Enspijk laten drukken.......
lees verder..